‘Oh hè, moet je morgen werken?’. Mijn collega keek me gisteren wat meewarig aan. Hoewel velen vandaag moeten werken, draaien wij een zondagsdienst wat normaal gesproken betekent dat we vrij zijn. Om wat (spoedeisende) onderzoeken en behandelingen toch door te kunnen laten gaan, zijn enkele plekjes op de poli bezet. ‘Ja, morgen is het mijn beurt, maar ik heb me erop ingesteld hoor. Bovendien heb ik genoeg te doen’ zeg ik overtuigd en zonder zelfmedelijden. Natuurlijk had ik ook best plannen voor in vrije tijd, maar uiteindelijk verdelen we deze diensten en nu is het gewoon mijn beurt. Klaar.
Gisteravond zaten we in de grote kerk in Gorinchem bij de herdenkingsdienst voor de oorlogsslachtoffers. Verhalen, herinneringen en een verborgen geschiedenis… Herhaling in een nieuw jasje en een stuitend verhaal dat nog maar weinig daglicht heeft gezien. In de galmende kerk kwam het bij me binnen. Tijdens de stille tocht van de kerk naar het monument lukte het me niet volledig stil te zijn. Met de oorlogsverhalen van zojuist nog echoënd in mijn hoofd, fluister ik tegen Arie: ‘Eigenlijk is het mogen gaan werken morgen ook een vorm van vrijheid he?’.
En zo stap ik vanmorgen na een symbolische ‘dondernacht’ (rechtop in bed van onweersknallen) de nieuwe dag in. De prachtige zonsopkomst, ontelbaar veel kwetterende vogels en de rust op straat geeft me een hoopvol gevoel. Ik krijg energie en ik voel me bevoorrecht. Want dat ik mag gaan werken ís een vorm van vrijheid. Dat ik veilig en zonder versperringen kan reizen naar de plek waar ik het liefst mijn geld verdien. Dat ik heb kunnen kiezen waar ik iedere dág heenreis zonder rekening te hoeven houden met beperkingen door bezet of gevangen te zijn. Ik loop over van dankbaarheid dat ik mág gaan werken op deze bevrijdingsdag.
‘Ja, maar ja…. Jij hebt het dan ook wel getroffen, jij zit echt op je plek in je baan’ hoor ik je al zeggen. En dat klopt. Ik heb het getroffen. Toch is dat zeker niet vanzelf gegaan. Diegenen die mij tien jaar geleden ook al kenden, weten een beetje van waar ik kom. Ik heb gezocht, geprobeerd en ik ben grenzen over gegaan. Ik ben gevallen, heb geleerd, ben weer opgestaan en ik deed dingen waarvan ik oprecht dacht dat (ik) het niet kon. Dat was eng, spannend en heel vaak onzeker. En nog. Deze zoektocht is mogelijk door alle lieve mensen op mijn pad die me stimuleren, helpen en me in de vrijheid zetten om ‘mijn plekje’ te vinden. Een kei van een partner, familie, vrienden, collega’s, leidinggevenden… Ik besef dat dit een ander soort vrijheid is dan de Vrijheid die we vandaag vieren. Zonder die grote Vrijheid is zoeken, vinden en vleugels uitslaan zoveel moeilijker.
In de relatief rustige ochtendspits rij ik bijna blindelings de vertrouwde route. Terwijl ik de P+R uitloop raak ik in gesprek met een volstrekt onbekende. Na een bijzonder gesprek van hooguit vijf minuten scheiden onze wegen naar ieder onze eigen werkplek in ons eigen ziekenhuis en loop ik op het Prinses Máxima Centrum aan. Vandaag zal ik wat meer tijd hebben om er écht te zijn voor de patiënten. Dit alles in vrijheid. En Vrijheid. Ik heb er zin in!



